maandag 7 september 2015

2e Chemo

Maandag 7 september om 9.15 uur vol goede moed op naar de 2e chemo.
De eerste keer aanprikken van het infuus lukt niet. Om me niet onnodig veel pijn te doen wordt er besloten dat de anesthesist het mag doen. Helaas gaat het daar ook de eerste keer mis en krijg ik een "eitje" op mijn arm. Er vervelend en pijnlijk. De tweede poging gaat goed en ik kan weer terug naar de afdeling Oncologie en ze laten voor de zekerheid eerst een spoelzak lopen en daarna de Dexametasol. Na een uur wordt er weer gespoeld en ze besluiten voor de laatste zak (cyclofosfamide) het infuus toch opnieuw gezet moet worden. Links was geen optie meer, dus nu rechts. Daar word ik niet echt vrolijk van.



 


Met een toch wel pijnlijke linkerarm gaan ze een aantekening maken voor de Oncoloog om vòòr de 3e chemo een priklijntje te zetten.


De zogenoemde pic-catheter is hiervan een voorbeeld.Het voordeel van deze systemen is dat de patiënt niet steeds hoeft te worden geprikt. Er zitten echter ook nadelen aan. Hoe goed ook ingebracht, het slangetje kan uit het bloedvat schieten, met het risico dat de chemotherapie niet in het bloedvat loopt, maar ernaast. Met alle gevolgen van dien. 
Daarom moet voordat met chemotherapie wordt begonnen, altijd worden gecontroleerd of het slangetje nog goed zit. De verpleegkundige controleert dan ‘of het bloed nog terugkomt’. Ook wanneer een chemotherapeuticum naar binnen is gelopen, wordt – voordat een nieuw chemotherapeuticum wordt gegeven – weer gecontroleerd of ‘het bloed weer terugkomt’. Net zoals aan het eind van elke kuur.



Stolsels
Een ander probleem is dat vooral aan het einde van het slangetje dat in het bloedvat zit, stolsels kunnen ontstaan (thrombosering). Hierdoor kan het slangetje verstopt raken, zodat soms een nieuwe port à cath of lange lijn moet worden geplaatst. Ook kan in het vat waarin het slangetje zit, een thrombose optreden. Het vat zit dan dicht, zoals bijvoorbeeld bij een thrombosebeen. Soms kan een deel van zo’n stolsel (thrombus) losschieten en bijvoorbeeld in de longen terechtkomen, waardoor een longembolie ontstaat.
Weer een andere complicatie is infectiegevaar. Allereerst bijvoorbeeld op de plaats waar de lange lijn door de huid is ingebracht. Maar er is ook een licht verhoogde kans aanwezig op bloedvergiftiging (sepsis).
Alles overziend is het een weloverwogen beslissing al dan niet gebruik te maken van een port à cath of een lange lijn. Afgezien van de soort chemotherapiekuur, het al dan niet aanwezig zijn van ‘goede’ bloedvaten bij de patiënt of de angst voor het prikken, hangt de beslissing onder meer ook af van de vraag of de patiënt in het verleden een thrombosebeen of longembolie heeft doorgemaakt. In een aantal gevallen worden bloedverdunners, eventueel in een lage dosering, gegeven om de kans op trombosevorming bij de uitmonding van het slangetje in het bloedvat te voorkomen.



Al met al zitten er, in mijn geval, nogal wat risico's aan. Ik ben namelijk gevoelig voor trombose/longembolie. Maar als het aanprikken van het infuus steeds moeilijker wordt door de chemo is er misschien geen andere optie. 
Maar goed, niet op de zaken vooruitlopen Ka, laat de Oncoloog 24 september maar beslissen wat wijsheid is.


Verder voel ik me nog steeds goed, alhoewel ik voor de zekerheid maar 2 tabletjes heb genomen tegen misselijkheid.


CARPE DIEM

3 opmerkingen:

  1. Wat jammer dat het prikken weer niet goed gaat, dat maakt de volgende ronde weer niet makkelijk. Dikke knuf, Naatje

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Echt balen zeg dat het prikken niet zo verloopt zoals het zou moeten gaan.
    Maar wat ben je dapper Karin.
    Dikke knuffel. XXXXX

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Echt balen zeg dat het prikken niet zo verloopt zoals het zou moeten gaan.
    Maar wat ben je dapper Karin.
    Dikke knuffel. XXXXX

    BeantwoordenVerwijderen